Mijn.column

Gerry goes podcast [1]

Vriendin Karien raadde me het aan, volgens mij zelfs al voordat ik voet op Nederlandse bodem had gezet na een vier jaar durend avontuur in Houston, Texas. Podcasten wordt het helemaal in Nederland. Steeds meer mensen gaan het doen. Echt iets voor jou.

Ik houd van teamwerk, samen met anderen iets maken, ergens voor gaan staan en podcasten leek met het ultieme ik-doe-het-lekker-zelf. Waar ik overigens ook van houd. Mijn eigen koers varen, mijn eigen neus achterna.

Voor het teamwerk ging ik terug naar lokale radiozender Sleutelstad 93.7 FM waar ik wekelijks Nieuws071 en Sport071 presenteer en reporatages voor maak, met als leuk extraatje het zaterdagochtendprogramma Cultuur071. Genoeg teamwerk. Podcasten doe ik alleen. Het gaat niet altijd van een leie dakje en dat is wel een understatement. Regelmatig bekruipt me het gevoel dat het helemaal mis gaat. Geen goed onderwerp, niet de goede vragen, hoe krijg ik de juiste mensen voor mijn microfoon (of zeg je achter de microfoon? of geldt dat alleen voor mijzelf?), en dan nog alle technische uitdagingen.

Maar nu liggen er vier afleveringen. Klaar om de lucht in te gaan.

– wordt vervolgd.

 

 

Zzp’er in wording: vrijwilligerswerk bij de radio

Radio maken kun je leren. Dat hoop ik althans. Sinds eind mei draai ik voorzichtig een dag per week mee in het team van Sleutelstad FM, een lokale radiozender in Leiden. Elke werkdag is er tussen 17.00 en 18.00 uur een nieuwsuitzending. Onder de noemer Nieuws071. Aan de redactie de schone taak daarvoor nieuwsitems te bedenken, gasten op te sporen en reportages te maken.

Nieuws is er altijd. Zelfs in de zomer als de komkommers het zo lekker doen. Maar je hebt mankracht en kennis van de stad nodig om het nieuws te vinden en te verwerken tot een radioprogramma. Deze week twee keer op reportage geweest. Leerpunt: radio maken is een vak apart. Dat wist ik ook wel van tevoren, maar in het veld wordt je er keihard mee geconfronteerd.

Dinsdagmiddag ging ik gewapend met recorder naar molen de Valk voor een item over de laatste restauratie van de molen. De molen was zo lek als een mandje, waarschijnlijk al 100 jaar. Bij een molen uit 1743 ga je heel anders met tijd om. Er was al vaker wat aan gedaan, maar het water bleef terugkomen en liep geregeld langs de muren naar beneden. Nu is de stenen muur helemaal opnieuw gevoegd en zijn alle scheuren en kieren opgespoord en geinjecteerd met een vulmiddel. Komende winter moet blijken of het geholpen heeft.

Molenaar Hennie van der Lelie wil van alles vertellen over zijn molen en het is een  genoeglijke middag. Maar mijn hoofdredacteur is er minder blij mee. Hij moet het item monteren en ik heb de molenaar duidelijk te lang laten praten. Erger is dat hij grotendeels onverstaanbaar is. Helemaal mijn fout. Je moet zo’n microfoon echt onder iemands neus douwen. Lopen en opnemen tegelijk is misschien mogelijk voor gevorderden, maar tot die categorie behoor ik duidelijk nog niet. Hier kan ik niks mee, is de duidelijke boodschap. Wat doe je dan? Met schaamrood op de kaken de molenaar bellen en vragen of het nog een keertje over mag. Van je fouten kun je leren, maar dan moet je dat ook wel willen doen. Wordt vervolgd.

 

***

 

Zzp’er in wording: keuze voor jezelf

Veilige – en best wel leuke – baan opgezegd. Website laten bouwen, prachtig logo laten ontwerpen en dan? Nu moet je de boer op. Jezelf aanprijzen, in de markt zetten, klanten werven. Dat is best wel moeilijk. En ook een beetje eng.

Mijn deskundigheid is tekst (al dan niet in combinatie met beeld) en praktisch communicatie-advies. Ik ben niet van de strategische meerjarenplannen met eindeloze fraaie vergezichten. Ik zit liever aan de keukentafel. Wat ga je doen? Wie wil je bereiken? Hoe gaan we dat voor elkaar krijgen de komende weken/maanden?

Het adagium voor de zzp’er in wording is steeds keuzes maken, kiezen is goed, focus op je sterke punten. Doe datgene wat je leuk vindt, waar je ’s ochtends zingend je bed voor uitkomt. Natuurlijk. Helemaal mee eens. Maar ik merk dat ik een heleboel dingen leuk vind. Dat ik voor van alles en nog wat mijn bed uit wil komen. Waar kies ik dan voor? Beperk ik me niet te veel door te focussen?

Ik werk het liefst voor kleine bedrijven en organisaties. Die hebben meer hart voor de zaak. Dat is wellicht een vooroordeel. Maar ik vind het fijner om met mensen aan tafel te zitten die zelf het werk doen en zelf de beslissingen nemen. Dat je sparringpartner niet na vier weken noeste arbeid met je vakwerk terug de organisatie in moet, langs de lijn moet lopen en dat je dan maar moet afwachten wat er van overblijft.

Wat zijn de voordelen? Ik heb een keuze gemaakt en kiezen is goed. Ik vind dit leuk en ik kom er dus graag mijn bed voor uit. Ok, two down, how many to go?
Nadelen dan maar: kleine bedrijven letten op de kleintjes. Zeker in economisch zware tijden. Ze willen wel graag iets doen aan hun communicatie. Hun website verbeteren, zichzelf op de kaart zetten. Maar hun core business is wat anders. Ze hebben een aannemersbedrijf, een evenementenbureau of een winkel.. Daar zijn ze druk mee, daarin investeren ze hun tijd en geld.

En dan kom ik ze ‘lastigvallen’ met: dit kan beter. Hoe breng je dat op een leuke manier? Die niet opdringerig is, niet betweterig? Ik repeteer dit soort gesprekken urenlang achter mijn computer. Maar ik moet het veld in. Erin springen. Het ergste wat me kan gebeuren is dat ze me de deur uitgooien. En dan ga ik op zoek naar een schouder om op uit te halen. Een mooi boek of een nieuwe iPhone. Voor wat hoort wat. Kiezen voor jezelf. Dan doet iemand anders dat wellicht ook.

***

Zzp’er in wording: Luiheid

Een gevaarlijk thema voor een zzp’er in wording. Wie zegt nu – als kleine zelfstandige – dat hij lui is. Het is meer een kwestie van meer tijd dan er concrete zaken te doen zijn. En na tien jaar elke week een deadline voelt het vreemd aan. Om geen volle agenda te hebben. Om niet ’s ochtends te beginnen met bellen en in no time je agenda vol te proppen.

Het nadeel van teveel tijd, is dat mijn werktempo lijkt te dalen. Ik heb zoveel tijd om dit te doen, ik kan eerst nog even iets anders. Boodschappen halen, een boek lezen, de katten kammen. Eindeloos door mijn computer browsen op zoek naar foto’s voor de hyvespagina van mijn zoon. Of speuren op de belastingdienst naar dat formulier voor de hypotheekaftrek.

En dan afgeleid worden door andere sites, het nieuws, de radio, alweer die verdomde katten. Jaloers worden omdat zij eindeloos lui de wereld die voorbij gaat mogen beschouwen. Bij katten is het een pre. Bij mensen een slechte eigenschap die je snel moet afleren.

Misschien is het niet zozeer luiheid als de moeite met beginnen. Met een dreigende stok van een absolute deadline in de rug, kan ik eindeloos draven en ’s avonds doorwerken tot ik met vierkante ogen achter de computer zit. Maar nu die dagelijkse structuur is weggevallen, moet ik een nieuwe list verzinnen.

Ander nadeel van meer tijd dan opdrachten is dat ik teveel tijd krijg om na te denken. Bezint eer ge begint is een goede raadgeving. Maar je kan er ook in doorslaan. Bij de simpelste zaken alles van zes kanten willen bekijken voordat je een besluit neemt, iemand gaat bellen of een zin schrijft.

Ik houd mezelf voor dat het hoort bij het beginnen van mijn eigen bedrijf. De opdrachten lopen niet vanzelf binnen. Mensen die ik benader willen er natuurlijk nog even graag over nadenken, terwijl ik al popelend in de startblokken sta. Bezint eer ge begint. Dat is niet lui, dat is verstandig zijn.

***

Zzp’er in wording: eigenwijs

Het leuke aan een eigen zaak is natuurlijk dat je het allemaal helemaal zelf mag beslissen. Hoe je logo er uitziet, wat er op je website komt, tot aan de titel op je visitekaartje. Je hoeft geen advies te vragen aan collega’s, laat staan toestemming van je baas zien te krijgen. Wat een weelde.
Vooral als je een beetje eigenwijs bent. Laat even een stilte vallen en je hoort iedereen denken: nou een beetje? Laat dat er maar vanaf. Heel erg eigenwijs. Dus dit is nu mijn kans. Zo liggen op een dag vijf concepten voor logo’s op mijn bureaublad. In de kleuren die ik heb gevraagd. Met mijn naam erop. Ik hoef alleen te kiezen.
Het is heerlijk om eigenwijs te zijn en je zin door te drijven. Maar ergens mis ik wel het gekrakeel, de discussie. Want wat valt er nog door te drijven als je het zelf mag beslissen? Als niemand je keuze ter discussie stelt. Dus ga ik toch weer op zoek naar de mening van anderen. Mijn man, mijn zus en een goede vriendin.
Zij vinden het logo dat mijn voorkeur heeft ook mooi. Het voelt al minder eigenwijs en minder ‘zin doordrijven’. Of wil ik me gewoon indekken? Dat als ik straks die ebsite lanceer of die visitekaartjes rondstrooi en als er dan mensen naar kijken met een blik van: Och hemel, wat een lelijkheid. Dan kan ik me tenminste achter drie medeplichtigen verschuilen. Zij vonden het ook mooi. Heb ik toch weer zoiets als een baas.

***

Zzp’er in wording: ongeduldig

Wachten, geduld hebben. Ik heb altijd geweten dat ik niet heel erg geduldig ben. Sinds ik kinderen heb, moet ik erkennen dat het woord geduld in mijn woordenboek eigenlijk niet voorkomt. Elke nieuwe stap in leren lopen, eten, praten, zelfstandig zijn, juichte ik van harte toe. Tot het moment van de pubertijd, maar dat is een ander verhaal. Niet geschikt voor een column, privacy nietwaar. Ook voor kinderen van zzp’ers.
Maar tegen mijn ongeduld loop ik nu weer aan als beginnende zzp’er. Ik wil zo graag. Bezig zijn, aan het werk, produceren. Om mezelf te bewijzen? Uiteraard. Ik heb tenslotte mijn baan opgezegd en – nog voor de tweede dip in de economie zich aftekende – hardop gezegd: ik ga voor mezelf beginnen. Nu moet ik het waarmaken.
Ik wil mijn vleugels uitslaan en op eigen kracht gaan vliegen en voor eigen rekening. En ik heb wel ideeën, maar daarvoor moet je anderen wel meekrijgen. Klanten werven is een zaak van geduld, niet te veel haast tonen. De ander geleidelijk meenemen in wat ik wil. Een leerpuntje noemen ze dat. En elke kleine stap is weer een overwinning.
Zzp’er in wording. Inschrijven bij de Kamer van Koophandel, btw-nummer, zakelijke rekening openen, website (laten) bouwen. Het kost allemaal tijd en vraagt geduld, van mij. Maar ik heb wel weer een nieuwe opdracht: mijn eigen woordenboek herschrijven. Het wordt tijd om een woord toe te voegen.